maandag 28 mei 2012

Lachen, gieren, brullen (of toch bijna)


Theetante neemt elke morgen de trein naar Brussel. En omdat een mens nu eenmaal een gewoontedier is, neemt ze steevast plaats in dezelfde wagon (de eerste en dan bovenaan, wegens aangenaam vogelperspectief!)

Nu zijn er blijkbaar nog hele volksstammen die ’s ochtends de keuzemogelijkheden tot een minimum willen beperken, want tante stelt vast dat ze dagelijks ongeveer hetzelfde groepje reizigers ontmoet. Serieus volk! Met actetassen en smartphones. Met economische bijlagen en bijpassende zorgelijke blik.

En vooral: héél stillekes zo in de vroege morgen (op het occasionele gesnurk na dan). Tante slurpt dus heel voorzichtig van haar thermosje thee en slaat uiterst secuur de bladzijden van haar boek om, in de hoop geen onnodige luchttrillingen te veroorzaken.

Maar vorige week ging het helemaal mis! Tante begon eerst stilletjes te hikken. En toen te snikken. En uiteindelijk barstte ze uit in een slappe lach vanjewelste. Er was geen houden meer aan, sterker nog: er moesten zelfs zakdoeken aan te pas komen. En hoe meer ze probeerde haar lach in te houden, hou erger dat het was. Haar lach schalde door de coupé, nog nét geen echo’s veroorzakend!

Hierbij de schuldige:



Samenvatten of omschrijven is eigenlijk onbegonnen werk. Paulien is Paulien, daar komt het op neer. Een sublieme observator van menselijk gedrag en bovenal een goed luisteraar. Want, wat zeggen mensen nu eigenlijk? Waarom gebruiken ze vage uitdrukkingen als: "dan krijg ik zo'n gevoel van..." of bij wijze van bevestiging "absoluut". Waarom spreken ze over "chillen" en hoor je mensen verzuchten dat het "echt wel niet te doen was". Kijk gewoon even mee voor een impressie:



Gelukkig was de zakenman die tegenover tante zo secuur de beursberichten had zitten uitspellen, best nog meelevend. "Och mevrouw", zei hij terwijl tante de tranen wegveegde,"dat is toch beter dan een triestig boek hè?"

Toch neemt tante nu een andere coupé: voorlopig bekijkt ze het traject naar Brussel vanuit het kikvorsperspectief!

maandag 21 mei 2012

Zuster (en broeder)liefde


Tante, de bibliothecaris en de theekopjes zijn even op vakantie geweest. Naar het bos. Frisse lucht en zo. Maar rust? Mmmm. De theekopjes zijn immers individueel allersnoezigst, maar in combinatie helaas sub-optimaal. Al snel ontstaat er immers gekrakeel. En de andere is natuurlijk steeds begonnen. Bovendien willen ze graag apart van mij horen dat ik hem/haar eigenlijk de allerliefste vind (sssst niet doorvertellen). Maar dat doe ik natuurlijk niet, want moeders kunnen nu eenmaal niet kiezen.

Het één en ander paste wel bij het boek dat ik dit verlengde weekend las. Over de competitie tussen drie zussen. Voila:


Christina, Brigitta en Margarethe zijn drie meisjes met een kras op de ziel. Te vondeling gelegd, in de steek gelaten of zwaar mishandeld komen ze terecht bij “tante Ellen”. Zij luistert, kookt de heerlijkste gerechten en naait outfits naar wens. Maar zelfs haar goede zorgen kunnen de beschadigde pleegzussen niet helemaal repareren. Ze zijn immers voortdurend op zoek naar het gevoel uniek te zijn, betekenis te hebben. En dat doen ze elk op hun eigen manier: ze storten zich in een academische carrière, in een hele resem affaires met foute mannen of in de alcohol.

Maar wat ze niet weten, is dat tante Ellen zelf ook schade heeft opgelopen. Zij heeft immers haar zwaar gehandicapte dochter direct na de geboorte moeten afstaan. Een gebeurtenis die ze verder altijd heeft verzwegen. Maar Desirée leeft. Gekluisterd aan haar ziekbed besluit ze op een dag de zaak tot de bodem uit te zoeken. Wie van de pleegzussen heeft haar moeder en haar leven afgepakt? Ze zet al haar krachten in om ze zussen alsnog te confronteren met haar bestaan.

Oké, het is niet meteen een boek dat ik ter lezing voorleg aan de bibliothecaris. Mannen komen immers louter op de achtergrond voor. Maar de vrouwenlevens worden wel met veel begrip en diepgang geschetst. En zeker niet in pastelkleuren, maar met mensenkennis en levenswijsheid. Alleen het magische sausje dat het verhaal van Desirée omgeeft, kon ik iets minder smaken. Het had evengoed weg kunnen blijven, want ook zonder getover zou de problematische relatie tussen de pleegzussen tot ontploffing zijn gekomen.

Kortom: een ideaal boek voor een lang weekend. Al word je er niet heel vrolijk van, het zal me toch lang bijblijven. En toen het uit was? Toen kregen de theekopjes een extra dikke knuffel! Want, wat ben ik blij dat zij gewoon heerlijk onbekommerd kunnen opgroeien. En het gekwetter en gekibbel ? Die horen daar gewoon bij!

dinsdag 15 mei 2012

Zwarte katers en dansende tafels


Dit is Abeltje. Officieel Abelard. Een zeer fijne leesgenoot, steeds in voor een knuffel. En dan te bedenken dat niemand hem wou hebben, wegens een zwarte kat (en die plaatsen mensen nu eenmaal op één lijn met ladders en vrijdag de 13de). Tante stoorde zich gelukkig niet aan dat bijgeloof. Want deze lieverd brengt haar alleen geluk!

Maar dat neemt niet weg dat tante graag leest over mysterieuze aangelegenheden. Zo heeft ze een zwak voor boeken over séances en occulte lieden, liefst in de 19de eeuw. Toen elektriciteit en magnetisme nog zoveel verbazing opwekten dat er hele shows rond werden gebouwd.

Daarom leek het boek “De Klopgeest” van Gerrit Komrij haar wel wat. Klaar voor uren rilplezier, ging ze ervoor zitten (met Abel, uiteraard).


Hoofdpersoon is Hector, een medium die bij de nouveau riche van Amsterdam kind aan huis is. Hij zorgt daar voor heel wat spektakel: dansende tafels, geestverschijningen, geschriften van gene zijde: hij kan het allemaal leveren. Na de werkuren flaneert hij als een dandy door Amsterdam en filosofeert met de socialisten over een nieuwe maatschappij.

En, o ja er is ook nog een verhaallijn, maar daar moet je het niet echt voor doen. Waarvoor dan wel? Voor de magnifieke beschrijvingen en sfeerschepping, met oog voor schoonheid en detail. Bijvoorbeeld als Hector een wandeling in het park maakt en de dames op elegante wijze vergelijkt met bloemen. Of de passage over “de Van Halletjes” een modern, belezen en intelligent echtpaar dat niet wil opvallen en juist daardoor zo opvallend is. Ook de groezelige beschrijvingen van kroegjes en goktenten zijn geweldig om te lezen.

Bovendien is het fijn dat Komrij er af en toe een historisch tekstje tussen plakt, van Baudelaire bijvoorbeeld, of van Gorter. Deze originele bronnen sluiten naadloos aan bij de personages in het boek en voegen zo een extra dimensie toe.

Maar juist omdat er geen echt meeslepende verhaallijn in zit, en elke zin soms zo mooi is dat je ze opnieuw wil lezen, ging het nu niet bepaald vlot vooruit met dit boek. Na één hoofdstuk moest tante steeds weer even bekomen!

Toch was ze uiteindelijk (net als de chique dametjes in dit boek) beslist geïntrigeerd door de occulte kunsten van de beminnelijke Hector. Maar of tante nu zelf zo’n tafeldanssessie wil organiseren of een klopgeest wil inviteren? Nou, néé! Ze houdt het maar bij een gezellig ronkende zwarte kat!

zaterdag 12 mei 2012

Lekker ... lezen!


Naast de leesclub, is er ook: de kookclub! En die staat garant voor menig heerlijk avondje, letterlijk en figuurlijk. Gisteren gingen we ons te buiten aan gewokte scampis met kokos, gember en kurry, en als dessert een compote van ananas met munt en room. Het was om duimen en vingers bij af te likken!

En terwijl we zo aan het smikkelen waren, rees de vraag of er ook boeken zijn die je doen watertanden? Verhalen om in te bijten?

Het eerste boek dat zo ter sprake kwam was, hoe kan het ook anders, Rode rozen en tortilla’s van Laura Esquivel. Een verrukkelijk boek, vol Zuid-Amerikaanse magie. Over meisjes die huilend om de geur van uien op keukentafels geboren worden. En over sterke vrouwen die uren achter het fornuis doorbrengen en hun liefde in tortilla’s verstoppen. Met na elk hoofdstuk ook nog eens een recept. Voor wie het nog niet las: dit is niet te missen hoor.

De zoetekauwen hadden, uiteraard, ook goede herinneringen aan dit boek:




OK, het is geen wereldliteratuur, maar toch ook weer niet zo mierzoet als de titel (en de kaft) doen vermoeden. Een heerlijk verhaal over de hartverwarmende Vianne die in een pittoresk Frans dorpje een chocoladewinkeltje opent. Opnieuw met een vleugje Zuid-Amerikaanse magie, sympathieke personages, en – vooruit dan maar – ook wat Romantiek.

Eveneens smaakpapillenprikkelend (en evenmin een kanshebber voor de Nobelprijs) schijnt The Hindi Bindi club te zijn. Over indische dames die tijdens het koken levenswijsheden delen met hun dochters. Met recepten bovendien. Dit boek lijkt me een heerlijk sorbetje, om te nuttigen tussen sterkere kost. Dus misschien snoep ik het wel eens als tussendoortje.

En terwijl we zorgvuldig ons dessertje uitlepelden bedachten we plots dat we liever een boek lezen over koken dan de verfilming bekijken. Hoezeer smakelijk Johnny Depp ook kan zijn, we hebben het gevoel dat we meer geuren opsnuiven, meer warmte voelen als we het boek van Joanne Harris lezen. Ook de verfilming van Rode Rozen en Tortilla’s deed ons niet meteen het water in de mond lopen, terwijl het boek ons wel aanspoorde tot het buitensporig nuttigen van guacomole en ander lekkers.

Natuurlijk wordt er in heel veel andere boeken ook uitvoerig in pannen geroerd, van taarten gesnoept en van glaasjes genipt. Eten is nu eenmaal een belangrijk deel van elke cultuur. Vandaar mijn vraag: welk boek vindt u om in te bijten?

woensdag 9 mei 2012

Liefde op het tweede gezicht


Voor tante is het altijd teatime. Zomer en winter, dag en nacht: een kop thee smaakt op elk moment! Maar dat geldt natuurlijk niet voor alles. Integendeel, marketeers stellen immers dat timing cruciaal is: je moet niet mijlenver voor de troepen uit marcheren, maar ook niet met mosterd na de maaltijd komen.

Nu vraagt tante zich af: geldt dat ook voor boeken? Heeft het moment waarop je leest een invloed op je mening over het boek in kwestie? Is de context bepalend voor het leesgenot? Mmm: twee praktijkervaringen om dit te onderzoeken.

We beginnen met het boek dat gezorgd heeft voor tantes eerste en tot nu toe meest hevige boekverslavingsgebeuren:


Tante las dit boek toen ze zelf geschiedenis studeerde. De herkenbaarheid was dus groot. De hoofdpersonen uit dit boek zijn namelijk ook studenten die heel erg gepassioneerd zijn door het verleden, in hun geval de Griekse Oudheid. Natuurlijk organiseerden tante en haar kornuiten geen bacchanalen. En ze pleegden ook geen moord. Maar de setting op een universitaire campus, waar uren gespendeerd worden in bibliotheken en seminarielokalen sloot natuurlijk bijzonder nauw aan bij tantes eigen bestaan op dat moment.

En dus zorgde deze meeslepende thriller (waarbij je wist wat er gebeurd was, maar niet hoe) voor een compleet a-sociale week, waarbij tante zelfs feestjes heeft afgezegd om toch maar te kunnen doorlezen.

Een jaar of 6 later las ze het boek opnieuw. Ondertussen getrouwd en al lang geen student meer. En, wat dacht u? Het was opnieuw van dat! Weer dagenlange isolatie van echtgenoot en vriendenkring. Zelfs al had ze best onthouden hoe de vork in de steel zat. Was de context dus niet bepalend voor de waardering van dit boek? Of was haar leesdrang ingegeven door nostalgie naar haar studententijd, naar de eerste keer dat ze dit boek las?

Eigenlijk zou tante bij wijze van experiment het boek nu nog eens moeten lezen. Gewoon om te zien of het nu weer zo boeit. Maar ze durft niet. Stel dat ze weer zodanig wordt meegesleept dat ze de theekopjes gaat verwaarlozen? Neehee, een te groot risico!

Een heel ander verhaal betreft tantes leeservaringen met dit boek van Philippe Claudel:


Tante begon de eerste keer met dit boek ten ze verwikkeld was in een intensieve sollicitatieprocedure. Laat ons stellen dat de job van haar leven op het spel stond, zo ongeveer. In dat kader kon ze dus wel wat ontspanning gebruiken en Claudel weet haar normaliter steeds te kalmeren met zijn poëtische beschrijvingen. Maar deze keer ging het mis. Het raadselachtige boek waarin de hoofdpersoon Brodeck de opdracht krijgt een verslag te maken over de dood (moord?) van een vreemdeling, boeide tante helemaal niet. En dus schoof ze het met een zucht opzij.

Een jaar later (de job was ondertussen binnen!) besloot tante het boek een tweede kans te geven. Claudel was toch immers een van haar favoriete auteurs? En dus begon ze opnieuw, en werd helemaal meegesleept. Claudel vertelt op een ingetogen, rustige wijze een verhaal over hoe wreed mensen kunnen zijn. Nooit direct, wel indirect snap je dat het over de jodenvervolging gaat. Als lezer moet je meekunnen op dit rustige ritme. Hem de tijd geven langzaam de draad te spinnen. En, wanneer je zelf niet rustig bent, lukt dat niet. In stressvolle tijden Claudel lezen is dus blijkbaar geen goed idee.

In dit geval was de context, of beter de mentale ingesteldheid van tante wel bepalend. Zozeer zelfs dat haar mening over dit boek radicaal veranderde.

Maar normaal gezien neemt ze een afgewezen boek nooit opnieuw ter hand. Eens dichtgeklapt, blijft dat zo! Misschien moet tante een paar tegenvallers toch eens heroverwegen? Want, heeft u ook ervaringen met boekenliefde op het tweede gezicht?

zondag 6 mei 2012

Zeg toch nee, tante!


Kijk, dit is de agenda van tante. Inderdaad, nog gewoon van papier, maar met een harde kaft en een leeslintje. Zo hebben we het graag. Wat minder opvalt, is dat deze agenda propvol zit. Met afspraken dan.

Tante is immers een positief mens. Makkelijk enthousiast te krijgen. En dus zegt ze net iets te vaak volmondig “ja” als iemand iets vraagt. Om dan achteraf te beseffen: ik was beter op de rem gaan staan.

Nu kan een mens hiervoor een beroep doen op zelfhulpboeken. Liefst met pastelkleurige kaften, glimmende letters en kreten als: “Kom op voor jezelf!”, “Daar ligt de grens!”. Maar laat ons nu even met Alain de Botton aannemen dat literatuur je leven kan veranderen. Welk boek moet de immer ja-knikkende tante dan lezen? Wel, dit:


“Knielen op een bed violen” gaat over een tuinder van een niet meteen erg succesvolle kwekerij. Op een dag komt een oude vriend van hem op bezoek. Iemand die hij nooit echt graag heeft gemogen, maar die zich ontzettend opdringt. Zozeer zelfs dat de tuinder er geen verweer tegen heeft. Hij gaat steeds verder mee in de religieuze obsessies van zijn bezoeker en diens kornuiten. Hoewel het hem eigenlijk tegenstaat denkt hij voortdurend: “het zal nog wel meevallen”, “zo’n vaart zal het niet lopen”, “het is toch wel heel onbeleefd als ik nu de deur sluit?”. En omdat hij geen “nee” durft te zeggen raakt hij steeds verder verstrikt, en kan hij niet meer terug. En als hij eenmaal is meegezogen in deze parallelle logica, is het zijn vrouw, Margje, die geen grenzen trekt. En die het laat gebeuren, ook al is ze het er helemaal niet mee eens.

Een boeiend, meeslepend en bij wijlen haast deprimerend boek. Dat over mensen en hun tekortkomingen gaat, en over de gevolgen van een te meegaande houding. Over alle gemiste kansen op geluk en liefde als je niet op tijd aangeeft waar de grens ligt.




Gelukkig is het leven van tante minder dramatisch. Maar toch gaf dit boek haar zeker redenen tot introspectie. Ook als je voortdurend iedereen te vriend houdt, kan het fout aflopen! OK, dacht tante, de volgende keer zal ik hieraan denken en op tijd STOP roepen! Zodat ik ook nog eens wat energie heb voor de bibliothecaris en de theekopjes. En om meer van dit soort wel erg meeslepende boeken te lezen!

Kortom, deze hardwerkende moeder met een piekerhoofd heeft véél nood aan vakantie! Heeft u nog geneeskrachtige leestips voor haar in de aanbieding?


vrijdag 4 mei 2012

Boeketiquette!


Ahh, kijk, mijn twee theekopjes! Ze lezen een boek. De oudste leest zijn zusje voor. Hun motivatie? Extern! Hier geldt immers de regel dat men pas een film mag zien als men ook het boek heeft gelezen. En dus verdiepen ze zich in Harry Potter en de Steen der Wijzen. Met heel veel zichtbaar en hoorbaar plezier, trouwens.

En als ze dan toch bezig zijn, breng ik hen in één klap de volgende basisregels bij:

1. Men eet niet in de buurt van een boek.
2. Men drinkt niet in de buurt van een boek (zelfs geen thee!)
3. Men scheurt, knipt noch plakt
4. Men breekt geen ruggen
5. Men krast, krabbelt noch kleurt in een boek (enkel een subtiel potloodstreepje bij een treffende passage is eventueel toegestaan)
6. Men gooit niet met boeken
7. Men slaat niet met boeken op elkaars hoofd.(zeker een gebonden exemplaar kan hard aankomen)

Boeken zijn onze vrienden. Die behandel je met respect! "Jongens, we zijn geen varkens!"


Om alle bovenstaande redenen heb ik moeite met het boek “Wreck this Journal” Van Keri Smith. Want daar moet je het juist allemaal wel doen: scheuren, krassen, gooien, besmeuren van een boek. Nu ben ik verder grote fan van Keri,( en bejubelde haar in deze blog al eerder). Ook creatieve eye-openers kunnen altijd op mijn warme belangstelling rekenen. En dus kan ik me wel uitleven in opdrachten als “kleur eens buiten de lijntjes”. “Schrijf eens slordig” en zelfs “Bewerk het kolofon”. Maar toch kan ik het op de één of andere manier niet over mijn hart verkrijgen om opdrachten als deze uit te voeren:



Anderen hebben daar blijkbaar veel minder moeite mee. Tik eens “Keri Smith” en “Wreck” in op Youtube en u vindt oneindig veel filmpjes vol boekenmartelingen. Let vooral eens op de gezichten van de “daders”: blijkbaar hebben sommige mensen een zware rekening te vereffenen met het fenomeen boek. Het gooi, smijt en smeurwerk is zo te zien behoorlijk bevrijdend. O, de rillingen lopen over mijn rug bij het aanschouwen van zoveel boekenleed! Mijn journal is voorlopig dus nog niet zo wrecked. Er is sprake van een serieuze, waarschijnlijk chronische blokkade op dat punt.

Boeken zijn immers als dames van klasse: ze verdienen het met égards behandeld te worden. Want ze zijn met liefde gemaakt. Om dat laatste punt nog even te illustreren volgt tot slot nog een mooi filmpje over een ambachtelijke drukkerij in Engeland (uiteraard! Land van thee, alomtegenwordig historisch respect én boekenliefde). Oftewel: de geboorte van een boek in 2 minuten:


dinsdag 1 mei 2012

Ben ik een barbaar?



Zo’n twee weken geleden was tante te gast op een heuse Soirée Barbare. Wacht. Voordat u ten prooi valt aan wilde fantasieën even verduidelijken dat de barbaren in kwestie CULTUURbarbaren zijn. Dus geen nodeloos wapengekletter, woest gegil of zinloos geweld.

Plaats van actie was de imposante vliegtuighal van het Belgisch Legermuseum in Brussel. En nee, er weerklonk geen marsmuziek, in tegendeel, een echte DJ-set stond in voor hippe deuntjes. Het voelde bovendien bepaald barbaars om zo bij het vallen van de avond met een glas wijn door het museum te struinen, of tussen de museumstukken een kroket te verorberen. Maar verder waren alle deelnemers toch vooral boekenwormen, die zich hadden verzameld om Alessandro Baricco te ontmoeten en door te praten over zijn geweldige boek “De barbaren”.

OK, Whats the fuss about? Baricco analyseert op geniale wijze de veranderende cultuur, zonder te vervallen in sikkeneurig geweeklaag over cultureel verval en “den dieperik”.


Kort gezegd komt zijn stelling erop neer dat de “verticale mens”, de “meerwaarde zoeker” of de erudiet een 19de eeuws verschijnsel is. Toen noeste arbeid en uren studie nog genoegen verschafte. Vandaag de dag worden we steeds meer horizontaal. We weten over veel dingen iets, en hollen van het één naar het ander zonder echt in de diepte te gaan. Alles moet eenvoudig zijn, zodat we het snel kunnen doorslikken, en weer door kunnen naar het volgende. En Baricco vraagt zich af of dat nu echt zo erg is?

De boekenmarkt bijvoorbeeld is verre van ingestort. Er wordt misschien meer pulp verkocht dan vroeger, maar de echte literatuur ging er volgens hem niet op achteruit. Integendeel: meer mensen dan vroeger hebben er toegang toe. En lezen het ook.

De cultuur muteert volgens hem, onze kinderen zijn al zo. En wij gaan daarin mee, willen of niet. Na enige introspectie moet ondergetekende inderdaad bekennen dat ze vaker iets Googled dan opzoekt in een echte encyclopedie. En dat ze ook regelmatig een soort flipperkastgevoel krijgt. En laten we eerlijk zijn, dit bloggen is voor Baricco ook een bijzonder barbaarse bezigheid.

Kortom: een heel boeiend boek, dat je kijk op de wereld toch wat verandert. En waar je ook wat kritiek op kunt hebben. Hoe zit het bijvoorbeeld met de hele mindfulness beweging die juist pleit voor rust in plaats van rush? En is het ook niet zo dat het aandeel boekenwormen en studiehoofden in een maatschappij altijd relatief beperkt is en constant blijft?

Heel veel stof tot nadenken dus. Geen wonder dat zovele Vlaamse fans afzakten voor de Soirée Barbare en daar urenlang met specialisten verder debatteerden over dit thema. Meer commentaren op het boek vindt u hier, hopelijk kunt u er binnenkort ook de lezing van Baricco herbeluisteren.

En hoe zit het ondertussen met uw barbaarse gehalte?